• Robby Cox

Tour-isten in de Vogezen

Daags voor de Tour des Femmes etappe met aankomst op de Markstein besloten we zelf onze “koninginnenrit” te rijden, om onze vijfdaagse trip naar La Bresse in stijl af te sluiten. De dag ervoor waren we nog naar de aankomst van de Tour in Saint-Dié gaan kijken.

We verbleven op de camping “La Belle Hutte” (de mooie hut dus) met onze van, uitgebreid met mijn “easy-up” tent, waarmee we een perfecte base camp creërden. Op de camping zelf kom je trouwens niets te kort (er is een mini-winkel, je kan er vers stokbrood en zelfs heerlijke croissants en chocoladekoeken bestellen, het zwembad is heerlijk fris na een zware dag in het zadel en er is een bistrot, moest je een terrasje willen doen. Alle info i.v.m de camping vind je op hun website, die ook in het Nederlands beschikbaar is:

https://www.camping-belle-hutte.com/nl

Naast een kampeerplaats kan je er ook de huisjes en “gites” huren.

Omdat er ongeveer 120 kilometers en een 2000-tal hoogtemeters op het menu stonden, vertrokken we een tweetal uurtjes vroeger dan gebruikelijk. Vanuit La Belle Hutte daal je eerst een stukje richting La Bresse, wat uiteraard heel handig is voor de gemiddelde snelheid. Na ongeveer vijf km neem je een afslag naar links. Daar begint de korte beklimming van ongeveer 3 km naar de top van de Col du Bramont. Een leuke opwarmer voor alles wat nog komt.

Maar vergis je niet, het is best wel een pittig stukje klimwerk, zeker net na de koffie en het ontbijt. Gemiddeld 7,3% met op het einde enkele stukken van 10% of meer. Vanaf de top van de Bramont begint een heel leuk stuk tot aan de voet van de Grand Ballon. Wie van daalwerk houdt, vindt een opeenvolging van langere , rechte en snelle stukken, afgewisseld met enkele prachtige S-bochten. Aangezien je steeds het opkomende verkeer kan zien van bovenaf, kan je die bochten wel eens met snelheid aansnijden en je dus volledig uitleven. Uiteraard is het altijd aangeraden, je limieten te kennen en het aanvallen van “KOMS” te bewaren voor de beklimmingen. Op het einde van de afdaling kom je langs het mooie Lac Wildenstein en aan de afslag naar links, waar de beklimming naar de Markstein begint. Die laat je dus letterlijk links liggen, en je blijft rechtdoor rijden. Via de dorpjes Kruth, Oderen, Fellering en Moosch kom je dan uiteindelijk aan de voet van de Grand Ballon, in Willer-Sur-Thur. Aan het kruispunt staat duidelijk aangegeven, dat je links moet afslaan om naar de Grand Ballon te rijden. Na enkele vlakke kilometers, begin je eraan. Vanuit Moosch kan je ook naar de Grand Ballon klimmen, maar die beklimming is continu steil en minder panoramisch. Omdat de Tour des Femmes ook vanuit Willer-Sur-Thur naar boven reed, was er flink aan het asfalt gewerkt, wat je niet echt kan zeggen van de route vanuit Moosch.

Vanuit Willer-Sur-Thur bestaat de klim eigenlijk uit twee beklimmingen. De “Col d'Amic” is 8 kilometer lang met een gezapig percentage van om en bij de 5%. Dan is er even een kort intermezzo, waar je kan genieten van het uitzicht en een stukje “vals plat”. Wie wiskundig getalenteerd is zal begrijpen dat de laatste 5 km van de beklimming de pittigste stukken zijn (je moet immers aan een gemiddelde percentage van 6,7% geraken over de volledige 14 km). Je wordt er ook getrakteerd op bochten met een soort kasseien / klinkers, wat er voor zorgt dat je het ritme dat je net gevonden had weer even kwijt bent. Het mooie aan die laatste kilometers is dat je er een prachtig uitzicht hebt en je de top met de befaamde “bol” opnieuw kan zien opduiken. Af en toe is het toch aardig puffen omdat je tegen de zwaartekracht vecht en de wind vol op je snoet krijgt. Als beloning zie je dan stilaan de blauwe hemel en het bord met de naam van de Col in dikke vette letters: LE GRAND BALLON 1325m. Voor wie echt niet meer kan wachten is er een terras waar je even kan rusten en een hapje en een drankje kan consumeren.

Wij reden echter verder via de route des Crêtes, die van de voet van de Grand Ballon naar de voet van de Col du Bonhomme loopt, naar het skigebied van de Markstein, waar daags nadien Annemiek Van Vleuten de rest van het gezelschap op heel wat minuten achterstand zou trakteren. Wij stopten er om een Cappuccino te drinken en de bidons even bij te vullen. Voor ons zat het zwaartepunt van de rit er ook op. Na de Markstein reden we verder via de route des Crêtes naar de Hohneck, via het skigebied La Bresse Hohneck naar de Col de la Schlucht. Die route des Crêtes is nooit vlak. Als de wind er dan ook nog eens verkeerd staat, kan je er jezelf serieus tegenkomen. Sommige stukken zijn dan weer licht aflopend, waardoor je snelheden haalt die dicht tegen 50 km/u aanleunen. Het leuke is dat je die snelheid kan meenemen op het eerste stuk van de kleine klimmetjes die er liggen, waardoor je die op “de grote plateau” kan nemen. Aan de “T-splitsing” naar de Schlucht namen we de afslag naar links om af te dalen naar Xonrupt-Longemer, via de Roche du Diable. Voor wie niet zozeer 9 kilometer wil afdalen maar ook eens van het schitterende uitzicht genieten is het zeker en vast aan te raden om te stoppen aan de “duivelsrots” en er pittoreske panoramafoto's te maken. Wij maakten echter gebruik van de recent opnieuw geasfalteerde afdaling om lekker naar beneden te cruisen. Op het einde van de afdaling moet je wel even alert zijn, want meteen na de afdaling sla je dan weer links af, richting Longemer en Retournemer, om na enkele kilometers glooiend terrein aan de beklimming richting het skigebied van La Bresse (en dus camping La Belle Hutte) te beginnen. Officieel heet die beklimming de “Col des Faignes sous Vologne”. Wie nog wat in de benen heeft kan er zeker eens all-out gaan, want de klim is maar net iets langer dan 3 kilometer en buiten de eerste kilometer van 9% is het een “loper”. Erna volgt een leuk stukje afdaling, waarbij je enkele ronde punten op volle snelheid kan “afsnijden” (uiteraard opletten met eventueel verkeer). In principe heb je dan twee opties. Ofwel hou je het voor bekeken en neem je de afslag naar rechts aan de tweede rotonde. Dan kom je vanzelf terug op camping La Belle Hutte en kan je het zwembad al opzoeken. Wij besloten echter om verder af te dalen naar het dorp van La Bresse en de dag af te sluiten met een “verborgen parel”. In het centrum van La Bresse kan je aan de fietsenzaak SPORTS PASSION rechts afslaan, om de Route du Lispach te volgen. Dit is een leuke klim van 6 km met een gemiddelde hellingsgraad van 3,5%, die vooral gekenmerkt wordt door het “alpengevoel” dat je er krijgt.

Je vindt er de typische bouwstijl die je ook aantreft in de hoger gelegen Oostenrijkse dorpjes. Er zitten enkele pittigere stukken klimwerk in, die je na een dagje met 2000 hoogtemeters wel begint te voelen, maar voor de rest is het gewoon genieten. Je weet ook dat het de laatste inspanningen zijn, dus mentaal voelt het aan als een “bevrijding”. Daarna zit het erop. Je volgt hetzelfde stukje afdaling langs het skigebied van La Bresse en neemt dan wel de afslag naar de camping. Job done. Tijd om in het zwembad te springen en even op adem te komen. Het was al even geleden, maar een heel blij weerzien met de Vogezen. Deze trip smaakte zeker en vast naar meer.

De gpx van deze rit kan je hier downloaden:

https://ridewithgps.com/routes/40659176

(gewoon even Ride With GPS downloaden)

18 views0 comments